Laatste projecten

EUvox

EUVOX voor de Europese verkiezingen

Ontdek uw positie in het politieke landschap voor de Europese Parlementsverkiezingen van mei 2014

Laatsteprojecten-2

Gemeenteraads-
verkiezingen 2014

Voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2014 heeft Kieskompas voor ruim 37 gemeenten een stemhulp ontwikkeld.

debat

Levend Kieskompas
in de Klas

Kieskompas presenteert een uniek en vernieuwend concept voor middelbare scholen: Levend Kieskompas in de Klas.

Alles

Nieuws

Column André

‘Stemhulpen: ter lering en de vermaak’: geschreven door André Krouwel en Jasper van de Pol

André Krouwel & Jasper van de Pol hebben het hoofdstuk ‘Stemhulpen: ter lering en de vermaak’ geschreven in de essaybundel ‘Politieke partijen; overbodig of nodig?’. De bundel die door  de Raad voor het openbaar bestuur op 7 april is gepresenteerd, is een vervolg op eerdere adviezen en activiteiten over de toekomst van politieke partijen. In deze nieuwe essaybundel komen tal van wetenschappers aan het woord. Zij geven een analyse van en geven praktische handreikingen voor de functies van politieke partijen zoals rekrutering en selectie, articulatie en programmering, mobilisatie en communicatie. Er zijn bijdragen over de rol van opinieonderzoek, sociale media en stemhulpen. Tot slot komen alternatieve bewegingen aan bod, zoals de G1000.

In een inleidende, samenvattende beschouwing  schrijft de Raad:

“Het antwoord op de vraag (‘Politieke partijen: overbodig of nodig?’) van de Raad voor het openbaar bestuur is revitaliseren, maar wel grondig en vanuit een veel bredere opvatting van vertegenwoordiging. Grondige hervorming betekent ook leren van alternatieven en deze integreren in je werkwijze. Politieke partijen, als georganiseerde ideologische verbanden tussen staat en samenleving, hebben een goede kans om hun belangrijke positie te behouden, maar alleen wanneer de samenleving een veel grotere rol krijgt toebedeeld in het politieke bedrijf.”

Download het hoofdstuk: Stemhulpen: ter lering ende vermaak of klik hier voor de gehele essaybundel: Politieke partijen: overbodig of nodig?

EUVOX voor de Europese verkiezingen

EUVOX voor de Europese verkiezingen

EUVOX is een state-of-the-art, EU-brede stemhulp voor de Europese Parlementsverkiezingen van mei  2014. Het doel van EUVOX is om burgers te helpen bij hun stem op een politieke partij op basis van hun eigen politieke voorkeuren. Daarnaast biedt EUVOX burgers transparantie en toegankelijkheid over de posities van alle partijen voor deze belangrijke verkiezingen. Op donderdag 24 april is in Den Haag de officiële lancering van Het Nederlandse Kieskompas voor de Europese verkiezingen. Dit wordt tegelijkertijd (internationaal) gelanceerd met Kieskompassen in de andere 27 lidstaten. In alle lidstaten werkten wetenschappelijke teams mee aan dit EUVOX-project.

Kieskompas Gemeenteraads-
verkiezingen trekt miljoen bezoekers

Kiezers weten de weg naar het Kieskompas goed te vinden. Met nog een paar uur te gaan tot het sluiten van de stembussen, heeft het Kieskompas de miljoenste bezoeker mogen verwelkomen.

gemeenteraad2014

Kieskompas (van de Vrije Universiteit) ontwikkelde voor 37 gemeenten een online stemhulp op maat voor de gemeenteraadsverkiezingen van vandaag. Door het beantwoorden van 30 heldere stellingen over de belangrijkste lokale onderwerpen, kunnen bezoekers hun eigen opvattingen vergelijken met die van de van de partijen in hun gemeente.
André Krouwel, politicoloog aan de VU en wetenschappelijk directeur van Kieskompas: “De afgelopen dagen zagen we al dat veel kiezers nog twijfelen over hun stem. Veel van hen zullen pas op het laatste moment beslissen en dit zien we duidelijk terug in onze bezoekersaantallen. Met een miljoen bezoekers hebben we bijna 30 procent van de kiesgerechtigden uit onze gemeenten bereikt. Een mooie score, die we vandaag nog verder zullen opvoeren!”

Kieskompas Gemeenteraadsverkiezingen Turkije online

Kieskompas Gemeenteraadsverkiezingen Turkije online

Kieskompas maakt niet alleen online stemhulpen voor de Nederlandse gemeenteraadsverkiezingen maar biedt ook kiezers in Turkije de helpende hand bij het bepalen van hun stemkeuze in de lokale verkiezingen van 30 maart. In samenwerking met vooraanstaande wetenschappers van de Koḉ Universiteit in Istanbul ontwikkelde Kieskompas van de Vrije Universiteit Amsterdam een stemhulp voor de Turkse gemeenteraadsverkiezingen. Deze is vanaf vandaag online beschikbaar. Met www.oypusulasi.org is Kieskompas voor het eerst vertegenwoordigd bij lokale verkiezingen in het buitenland.

Kieskompas in acht Turkse gemeenten
Op www.oypusulasi.org kunnen inwoners van acht Turkse gemeenten, waaronder Ankara, Istanbul, Izmir en Dyarbakir hun eigen opvattingen vergelijken met die van de belangrijkste politieke partijen die om de macht strijden in hun stad. “Deze lokale verkiezingen vinden plaats onder politieke hoogspanning. Binnen de regerende AK-partij rommelt het na beschuldigingen van corruptie van enkele ministers en van premier Erdogan zelf. Maar de Republikeinse en nationalistische oppositie is sterk verdeeld en het is maar de vraag of zij de populaire AK-partij van de troon kan stoten in deze gemeenten”, aldus André Krouwel, politicoloog aan de Vrije Universiteit Amsterdam en wetenschappelijk directeur van Kieskompas.

Eerste stemhulp bij buitenlandse lokale verkiezingen
Krouwel: “We zijn enorm verheugd met deze nieuwe mijlpaal. Wel maakten we eerder een Kieskompas voor de parlementsverkiezingen in Turkije. Op dit moment verkennen we verschillende interessante mogelijkheden om ook in andere landen actief te worden bij gemeenteraadsverkiezingen. Om op die manier actief te kunnen bijdragen aan de politieke kennis en interesse van burgers overal ter wereld is zeer motiverend”.

Heldere keuze
Na het beantwoorden van dertig toegankelijk geformuleerde stellingen over de meest actuele en relevante lokale onderwerpen worden bezoekers in het politieke landschap van hun gemeente geplaatst, te midden van alle deelnemende partijen. Kieskompas kenmerkt zich hierbij door optimale transparantie: met één simpele muisklik kunnen alle partijstandpunten en toelichtingen worden bekeken.
De verkiezingen van het Europees Parlement vormen de eerstvolgende tussenstop voor Kieskompas. Medio april zal voor 28 EU-landen een Kieskompas worden gelanceerd.

Column: Verantwoording

De Kamerfractie van GroenLinks heeft aan minister Ronald Plasterk gevraagd een systeem te ontwikkelen waarmee burgers het stemgedrag van partijen in de gemeenteraad van hun woonplaats kunnen volgen. Ook de notulen en besluitenlijst van de gemeenteraad moeten toegankelijker worden.

Het is inderdaad belangrijk dat burgers niet alleen weten waar partijen voor staan en welke beloften zij doen tijdens lokale verkiezingscampagnes, maar ook waar zij daadwerkelijk voor of tegen stemmen in de raad. Dat klinkt logisch, maar is minder eenvoudig dan het lijkt.

Hoeveel burgers zullen daadwerkelijk op zoek gaan naar specifiek stemgedrag van partijen in de raad? Bijna de helft blijft al thuis bij gemeenteraadsverkiezingen. Bovendien hebben lokale media steeds minder aandacht voor gemeentepolitiek en verdwijnen er steeds meer lokale kranten en omroepen.

Het zou natuurlijk beter zijn als de gemeenteraad werd gevolgd door hoogwaardige en kritische journalistiek. Het online zetten van stemmingen en raadsverslagen, zonder bewerking of context, is niet zonder risico’s. Al eerder is een dergelijk initiatief, ook door BZK gefinancierd, een zachte dood gestorven. Weinig kiezers hadden interesse in een grote bak met gegevens waarin ze vervolgens moesten zoeken. Dan laten we nog buiten beschouwing dat veel oudere kiezers zelden of nooit online zijn. Alle stemmingen op een website zetten, is dus bij lange na niet voldoende.

Verder is de context belangrijk. Partijen die verantwoordelijkheid nemen voor het stadsbestuur, zullen niet altijd conform de partijideologie stemmen en uit coalitieoverwegingen soms moeilijke afwegingen moeten maken. Het puur weergeven van het stemgedrag is misleidend.
Veel besluiten – zeker in complexe zaken en grote projecten – worden niet op één enkel tijdstip genomen. Een burger moet dus al die informatie zelf bij elkaar brengen. Daarnaast zijn stemmingen het resultaat van – vaak lange – discussies en vele raads- en commissievergaderingen. Om alleen de uiteindelijke stemming er uit te tillen, geeft een vertekend beeld.

Het centrale idee van een ‘parlement’ was niet om te stemmen, maar om te delibereren en naar elkaar te luisteren, elkaars argumenten serieus te nemen en verschillende belangen af te wegen. Door alleen te focussen op het eindelijke voor- of tegenstemmen, doet geen recht aan het wezen van democratie: het inhoudelijke debat.

Column: Sterke man

Onlangs werd een serie seminars afgerond over de ‘Gemeenteraad van de Toekomst’. De bizarre uitkomst van deze zoektocht naar nieuwe vormen van democratie is een ‘Brief aan de Koning’. Let wel: niet aan het volk, maar aan een ondemocratisch, negentiende-eeuws instituut.

Volgens betrokkenen is in de Gemeenteraad van de Toekomst geen plaats meer voor politieke partijen, maar moeten burgers rechtsreeks de agenda bepalen. Wethouders moeten minder ‘politiek’ zijn en op basis van deskundigheid problemen oplossen.

Deze trend sluit naadloos aan bij de uitkomst van een onderzoek dat ik recent uitvoerde naar democratische houdingen van Nederlanders. Steeds minder mensen kunnen het geduld opbrengen voor de zorgvuldige – en dus langzame – democratische procedures. Het ongeduld wordt gevoed door het idee dat problemen alleen maar groter worden gemaakt door politici en dat oplossingen eigenlijk heel simpel zijn. Men vergeet dat een overheid onder heel andere condities werkt en aan de Grondwet is gebonden. De rechtsstaat is in een democratie even belangrijk als de instituties die de representatie vormgeven.

Maar een groot deel van de Nederlandse bevolking ziet wel wat in een sterke leider, die snel over alles kan beslissen. Van een ‘politiek van partijen’ naar een ‘politiek van personen’, zo staat in de schets van een nieuwe gemeenteraad. Het zijn gevaarlijke teksten, maar ze worden breed gedragen. De staat – met alle garanties van gelijke behandeling en rechtszekerheid – wordt incompetent verklaard. De rechtsstaat moet vervangen worden door ongecontroleerde, toevallige verzamelingen van geïnteresseerde burgers en deskundigen. Ongefilterde, ongecontroleerde onvrede en volkswoede als leidraad voor bestuur.

Uit ons onderzoek blijkt ook dat mensen steeds bozer zijn. Niet zozeer bang, maar vooral woedend op een bestuurlijke laag die steeds minder in staat is zekerheid te bieden aan burgers. Het idee is dat politieke partijen ten onrechte verdeeldheid zaaien, te veel debatteren en te weinig doen. De waarde van het publieke debat, van zorgvuldige en afgewogen procedures en van democratische controle wordt zwaar onderschat door de auteurs van de ‘Brief aan de Koning’.

Koning Willem-Alexander zal de sterke man moeten spelen en de brief moeten deponeren waar deze thuishoort: in de prullenbak.

Levend Kieskompas in de Klas

Levend Kieskompas in de Klas


Kieskompas presenteert een uniek en vernieuwend concept voor middelbare scholen: Levend Kieskompas in de Klas. Levend Kieskompas in de Klas is een actieve debatformule van Kieskompas waarin scholieren de debatvloer op gaan. Met behulp van prikkelende stellingen en vijf grote Kieskompasmatten, waarop de vijf antwoordcategorieën (helemaal mee eens tot helemaal niet mee eens) staan, leren leerlingen spelenderwijs hun standpunt in te nemen en te verwoorden.

Levend Kieskompas in de Klas maakt debatten voor scholieren leerzaam en leuk. De leerlingen debatteren over onderwerpen en vragen die direct aansluiten bij hun leefwereld. Zo ontdekken ze dat debatteren niet alleen iets voor politici is, maar dat het een vaardigheid is die altijd en overal van pas komt. Bovendien leren de scholieren tijdens het debat dat het belangrijk is dat hun standpunt goed is onderbouwd, want goedkope meningen delven altijd het onderspit in dit spel!

Na afloop waren zowel deelnemende leerlingen als verantwoordelijke docenten zeer lovend over het Levend Kieskompas in de Klas. Eén van de eerste reacties van een deelnemende VWO-leerling uit Epe: “Ik houd niet van politiek, maar dit was heel leuk!” Of zoals een andere leerling spottend zei: “Ik heb liever gewoon les, want hier moet ik zo bij nadenken!” De schoolleiding in Epe sprak van “een cadeautje voor de school” en leerlingen gaven desgevraagd aan nooit op deze manier tegen politiek aangekeken te hebben. Zo’n enerverende en leerzame debatsessie mag natuurlijk niet ontbreken in uw lesaanbod!

Hoe werkt Levend Kieskompas in de Klas?
Levend Kieskompas in de Klas is actief en visueel. Leerlingen gaan letterlijk de vloer op en leren argumenten formuleren en naar elkaar luisteren. De debatvloer in de klas (of kantine, aula of gymzaal) wordt met behulp van de grote, kleurrijke Kieskompasmatten ingedeeld in de vijf antwoordcategorieën: helemaal mee eens, mee eens, neutraal, niet mee eens, helemaal niet mee eens. De debatstellingen worden groot geprojecteerd en alle leerlingen worden actief door de debatleider uitgedaagd om plaats te nemen op de positie die hun mening het beste weergeeft. Zo worden de verschillen tussen leerlingen onderling meteen fysiek duidelijk zichtbaar. En iedereen doet mee!
De debatleider vraagt de leerlingen direct op de debatvloer naar hun motieven voor de gekozen positie op de vloer, waardoor ze leren hun argumenten te formuleren en naar elkaar te luisteren. Zowel de meest op de voorgrond tredende en meest uitgesproken leerlingen als de stille en verlegen leerlingen komen aan het woord!
Het debat krijgt daarom de kans zich goed te ontwikkelen. Leerlingen houden zelf de controle over het debat door middel van praat- en interventieballen. Ze ondervinden dat je van mening kunt verschillen met je beste vrienden en vice versa: leerlingen die in het dagelijks leven niet met elkaar door één deur kunnen, komen soms tot de ontdekking dat ze over opvallend veel onderwerpen hetzelfde denken.

 

Kieskompas zorgt voor debatstellingen over onderwerpen die belangrijk zijn voor scholieren. Deze prikkelende stellingen, die gaan over allerlei onderwerpen, van lokaal tot internationaal, en leiden vaak tot een hoop inzichtmomenten bij de leerlingen. Een belangrijke stap in hun politieke bewustwording!

Column: Ondermijnende samenwerking

De lokale democratie is in gevaar. Niet door externe bedreigingen, nieuwe technologieën of extreme politieke partijen, maar door gemeenschappelijke regelingen. Hun bestuur wordt meestal gevormd door de wethouders van de deelnemende gemeenten. Dat kan uiteenlopen van twee tot wel tien of twintig gemeenten. Wethouders uit al die gemeenten nemen gezamenlijk allerlei besluiten, maar het is onduidelijk wie hen democratisch controleert. Natuurlijk kan iedere wethouder in de eigen gemeenteraad ter verantwoording worden geroepen, maar dat is onvoldoende.

Raadsleden hebben vaak onvoldoende inzicht in wat allemaal wordt besloten onder de noemer van gemeenschappelijke regelingen. Meestal hebben gemeenten vele samenwerkingsverbanden en het is onmogelijk voor raadsleden dat allemaal te controleren. Raadsleden blijven tenslotte amateurs met veel te weinig tijd en ondersteuning. En de kans dat twee, vijf, tien of twintig wethouders tegelijk naar huis gestuurd worden, is ook nihil. Dus zal de trein gewoon doordenderen, ook al valt een wethouder weg. Natuurlijk staan alle kosten netjes in de begroting, maar de financiële risico’s van dergelijke verbanden zijn vaak moeilijk in te schatten. Een dergelijk samenwerkingsverband kan niet failliet gaan, terwijl de kosten wel op het bordje van de deelnemende gemeenten komen.

Raadsleden, griffiers, gemeentesecretarissen, rekenkamers en hoogleraren hebben de noodklok al geluid. Zij zien een democratische Bermuda-driehoek ontstaan waarin alle controle en verantwoording verdwijnt. Het probleem is dat deze problematiek te complex en te intern is om te ‘politiseren’ en tegenstanders staan met lege handen. Wie is nou tegen samenwerken? Voorstanders zullen roepen dat het kosten bespaart en daarmee sussen ze kiezers in slaap.

Bij de decentralisaties van de zorg naar de gemeenten zal deze trend van samenwerkingsverbanden verder doorzetten. De meeste gemeenten zijn niet in staat het allemaal zelf uit te voeren. Zo ontstaat een situatie waarin de gemeenten voor steeds meer zaken verantwoordelijk worden, maar de gekozen vertegenwoordigers dat steeds minder goed kunnen controleren. Ik vermoed dat minister Plasterk zit te gniffelen op zijn ministerie. Voor hem zijn al die gemeenschappelijke regelingen een zegen. Hij kan over één of twee jaar gewoon zeggen: “het is beter al deze gemeenten samen te voegen, zodat de democratische controle beter geregeld is.” Operatie samenvoeging geslaagd.

Column: Lokale partijen concurreren vooral met VVD

Voor één op de drie potentiële kiezers van lokale partijen is de VVD een serieus alternatief. De PVV is voor bijna evenveel kiezers van deze partijen een mogelijke ‘tweede keus’. D66 ook, maar deze partij is voor kiezers van bijna alle partijen een ‘redelijk alternatief’. Dat blijkt uit gegevens die we in ruim zestig gemeenten verzamelden tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van 2010.

We vroegen ruim 1,2 miljoen kiezers welke stemkans ze gaven aan alle deelnemende partijen. Zo kunnen we zien tussen welke partijen ze twijfelen.
De PVV deed slechts in twee gemeenten mee (Almere en Den Haag), maar we vroegen wel in alle onderzochte gemeenten hoe groot de kans was dat kiezers op deze partij zouden stemmen als de PVV wél mee zou doen. Uit de antwoorden blijkt dat de partij van Geert Wilders een enorm kiezerspotentieel heeft in gemeenten waar lokale partijen nu groot zijn.
Dat lokale partijen sterk zouden verzwakken en een veel lager percentage stemmen zouden behalen wanneer de PVV meedoet aan de gemeenteraadsverkiezingen, blijkt uit de ontwikkelingen in Almere. In 2006 – toen de PVV nog niet meedeed – haalden lokale partijen hier 23,9 procent van de stemmen. In 2010 – toen de PVV wel meedeed – daalde dit percentage naar 16,6. Als Wilders mee zou doen in meer gemeenten, zouden veel raadsleden van lokale partijen vermoedelijk hun zetel verliezen. Ook de VVD zou flink inleveren.
Kiezers die een hoge stemkans geven aan lokale partijen, zijn veel minder geneigd te stemmen op christelijke partijen (SGP, CU en CDA) en linkse partijen (PvdA, GroenLinks en SP). Overigens valt op dat kiezers van lokale partijen potentieel een ‘promiscue’ stemgedrag vertonen: uit grafiek 1 blijkt dat ze veel meer partijen een hoge stemkans geven dan de gemiddelde Nederlander (zie: Alle kiezers).

Infographics: Dimitry de Bruin

De grootste
Lokale partijen zijn sinds 1994 gezamenlijk de grootste politieke partij op het lokale niveau. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2010 behaalden ze 2275 raadszetels (ruim 23 procent van de stemmen). De andere partijen volgden op grote afstand. Tweede werd de PvdA met 1251 zetels (vijftien procent van de stemmen).

Lokale partijen trekken kiezers uit het gehele ideologische politieke spectrum. Maar naarmate een kiezer rechtser is, stijgt de kans dat hij of zij op een lokale partij stemt. Om de relatie tussen ideologische oriëntatie en stemkans voor lokale partijen zichtbaar te maken, hebben we de bezoekers van het Kieskompas ingedeeld in vier categorieën: uiterst links, links, rechts en uiterst rechts (zie kader). Vervolgens hebben we gekeken aan welke partijen zij een hoge voorkeur geven. In de grafieken is duidelijk te zien dat uiterst linkse kiezers vooral de voorkeur geven aan SP, GroenLinks en PvdA. Uiterst rechtse kiezers geven vooral de voorkeur aan VVD en PVV.
De scheidslijn tussen links en rechts is dus nog duidelijk van betekenis in Nederland, ook op lokaal niveau. De voormalige D66-slogan ‘Het redelijk alternatief’ blijkt nog steeds zeer toepasselijk. Vooral gematigd linkse en gematigd rechtse kiezers hebben een hoge voorkeur voor deze partij.
Voor lokale partijen is de scheidslijn tussen links en rechts van relatief geringe betekenis. Ze moeten het eerder hebben van het verschil tussen progressief en conservatief, zo blijkt uit een andere indeling die we hebben gemaakt van de bezoekers van Kieskompas. Wederom onderscheiden we vier categorieën: zeer conservatief, gematigd conservatief, gematigd progressief en zeer progressief.
Naarmate kiezers conservatiever zijn, is de kans groter dat ze op een lokale partij stemmen. Zeer conservatieve kiezers geven lokale partijen gemiddeld ruim een punt hogere stemkans dan de meest progressieve kiezers. In hun profiel lijken de kiezers van lokale partijen het meest op die van VVD, PVV en CDA (zie grafiek 2).

Specifieke issues
In de opvattingen over specifieke issues herkennen we een duidelijk patroon bij kiezers met een grote voorkeur voor lokale partijen. Sympathisanten van lokale partijen zijn vaker tegenstander van belastingverhoging (ozb) en voorstander van bezuinigingen op cultuur. Verder zijn ze doorgaans voor het aanleggen en verbreden van wegen. De meesten vinden ook dat meer koopwoningen moeten worden gebouwd in plaats van huurwoningen en dat financiële steun aan arme gezinnen niet nodig is.
In cultureel-moreel opzicht is het profiel van de sympathisanten van lokale partijen nog consistenter en scherper. Ze vinden dat de overheid harder moet optreden bij ordehandhaving en het straffen van vandalen en wetsovertreders. Verder vinden ze dat er meer cameratoezicht moet komen, blowen op straat moet worden verboden, coffeeshops moeten worden gesloten en dat de politie burgers strenger mag controleren.
In gemeenten waar we hebben gevraagd naar opvattingen over asielzoekers, de bouw van moskeeën, het dragen van boerka’s en islamitische scholen, blijkt overduidelijk dat sympathisanten van lokale partijen hier weinig van moeten hebben.

Honkvast
Het zal niet verbazen dat kiezers met een sterke voorkeur voor lokale partijen zeer gehecht en trouw zijn aan de lokale gemeenschap waarin zij wonen. Als we kiezers indelen naar het aantal jaren dat zij in hun gemeente wonen, dan zie we dat sympathisanten van lokale partijen relatief honkvast zijn (zie grafiek 3). Gemiddeld wonen lokaal-stemmers 29 jaar in hun gemeente, bijna net zo lang als PVV-kiezers. Dat is lang in vergelijking met het electoraat van bijvoorbeeld D66 en GroenLinks, die gemiddeld negentien jaar in hun gemeente wonen. Het potentiële electoraat van lokale partijen bestaat dus uit kiezers die relatief lang in de gemeente wonen en waarschijnlijk een sterkere band voelen met hun woonomgeving. Die duurzame lokale binding verklaart de voorkeur voor lokale partijen.

Minder hoogopgeleid
Inmiddels ontvouwt zich een duidelijk patroon en profiel van de kiezers van lokale partijen. Zij hebben een sterke binding met hun omgeving, zijn meer behoudend en zien de overheid liever streng optreden dan economisch herverdelen. Bovendien zijn sympathisanten van lokale partijen gemiddeld ouder en minder hoogopgeleid (zie grafiek 4).

André Krouwel is politicoloog aan de VU en wetenschappelijk directeur van Kieskompas. Hij schreef dit artikel in samenwerking met Lennart Eendebak en Ludo van Dieren.

KADER
Wat is ‘links’?
Linkse partijen bepleiten een grote rol voor de overheid. Zo willen ze – meer dan andere partijen – de welvaart herverdelen door belastingheffing en burgers financieel ondersteunen bij ziekte, werkloosheid en arbeidsongeschiktheid. Ze zien ook een grote rol weggelegd voor de overheid bij publieke taken als gezondheidszorg en openbaar vervoer.

Wat is ‘rechts’?
Rechtse partijen vinden dat de overheid een bescheiden rol moet hebben op economisch terrein. Zij willen burgers meer vrijheid geven en de overheidsbemoeienis met het sociale en economische leven beperken. Rechtse partijen pleiten voor lage belastingen en hebben meer vertrouwen in de werking van de vrije markt dan in overheidsingrijpen.

Wat is ‘progressief’?
Progressieve partijen hechten veel waarde aan persoonlijke vrijheden in ethische kwesties, zoals abortus, euthanasie en homohuwelijk. Deze partijen staan tolerant tegenover alternatieve leefstijlen en zijn voor internationale solidariteit.

Wat is ‘conservatief’?
Conservatieve partijen hechten veel waar-de aan traditionele waarden en instituties, zoals de kerk, het gezin en het verenigingsleven. Ze nemen terughoudender posities in op ethische vraagstukken. Ze kenmerken zich verder door een hoge waardering van de eigen nationale cultuur.

Column: Grondbeginselen

De grondpolitiek is terug. Het kabinet-Den Uyl viel er over in de jaren zeventig. Nu heeft oud-minister Maxime Verhagen de grondpolitiek nieuw leven ingeblazen. Als kersverse voorzitter van Bouwend Nederland kapittelt Verhagen gemeentebesturen die de groei in de bouw zouden belemmeren.

Gemeenten stellen volgens Verhagen te hoge eisen aan startersleningen, waardoor de vraag naar woningen vermindert. Ook handhaven gemeenten een te hoge grondprijs, terwijl de huizenprijzen sterk gedaald zijn. Een lagere grondprijs zou de bouw kunnen stimuleren, aldus Verhagen. Verhagen roep ook banken op om zich soepeler op te stellen bij het verlenen van hypotheken. Niet het huidige salaris van mensen zou het criterium moeten zijn, maar hun carrièreperspectief.

Als minister in het kabinet-Rutte I had Verhagen een geheel andere ‘visie’: gemeenten moesten bezuinigen en meer eigen inkomsten genereren. Als vicepremier verweet Verhagen de banken dat ze Nederlandse burgers met een te hoge schuld opzadelden. In februari 2012 wilde Verhagen mensen dwingen hun hypotheek sneller af te lossen, zodat ‘mensen minder kwetsbaar worden voor schokken op de woningmarkt.’

Het is vreemd dat Verhagen nu constateert dat huizenprijzen dalen, maar dat hij wel van banken eist dat ze meer geld uitlenen aan hun klanten. Dat lijkt een recept voor herhaling van de crisis op de huizenmarkt: te veel mensen in woningen die minder waard zijn dan de afgesloten hypotheek.

Verder mogen gemeenten hun grond niet zomaar onder de marktprijs verkopen, de oproep van Verhagen ten spijt. De EU zou dat kunnen aanmerken als staatssteun aan bedrijven. Ook kunnen integriteitsproblemen optreden als wethouders deals sluiten met marktpartijen onder de marktprijs.

Het is verbazingwekkend om moderne (ex-)politici als Verhagen aan het werk te zien. Niet vasthouden aan grondbeginselen, maar een tegenovergestelde mening ventileren als een nieuwe functie dat van ze verlangt. Het is precies dit soort gedrag dat burgers cynisch maakt over de politiek.

Burgers begrijpen best dat politici compromissen moeten sluiten met partijen die een totaal ander wereldbeeld hebben. Wat ze niet begrijpen, is dat beginselloze bestuurders telkens een diametraal ander standpunt innemen. De Nederlandse politiek zit echt niet te wachten op compromisloze ideologische scherpslijpers, maar evenmin op job-hoppende ex-ministers die hun grondbeginselen verkwanselen.